| |
 |
‘Janine Brogt und de Raaff haben mit bemerkenswertem handwerklichem Geschick eine neue Opéra comique vorgelegt, die Kammerspielqualitäten entwickelt. Die junge Regisseurin Lotte de Beer erzählt die Episoden aus dem Leben der Marilyn getreu in einer flexiblen Kulisse aus dem Geist der frühen 60er-Jahre, von dessen nostalgischer Anmutung das Projekt profitiert.’ Frieder Reininghaus, Deutschlandfunk (10 juni 2012)
Die Uraufführung im Rahmen des Holland-Festivals in der Stadsschouwburg ist aus mehreren Gründen ein Erfolg. De Raaff und seine Librettistin Janine Brogt sind nah dran an der Geschichte der Monroe […] und liefern doch mehr als ein Biopic. […] Laura Aikin in der Titelrolle ist ein Glücksgriff! […] Aikin verlässt sich nicht auf die platinblonden Haare, sondern schlüpft, ja kriecht in ihre Figur, eignet sie sich an, erweckt sie mit spitzem, schrillem Sopran und einem enormen Stimmumfang zum Leben. Steven Sloane dirigiert die Partitur mit Entschlossenheit und Biss. […]Der in Deutschland zuunrecht unbekannte Robin de Raaff hat dazu eine nervöse, fiebrig-flimmernde Musik geschrieben, pointiert und zugespitzt, wenig lyrisch, aber doch reich an schwelgenden Klangfarben. […] Bei „Waiting for Miss Monroe“ überzeugt auch die Arbeit der jungen Regisseurin Lotte de Beer’ Udo Badelt, Der Tagesspiegel (11 juni 2012)
***
‘Het dramatisch tempo ligt laag, maar Lotte de Beer (regie) heeft er samen met de ontwerpers Clement & Sanôu alles aan gedaan om de voorstelling enige vaart te geven met soepele changementen. […] Expressionistische klanken overheersen in de doorwrochte orkestpartij, sterk gespeeld door het Nederlands Kamerorkest onder leiding van Steven Sloane. Personages en situaties krijgen markant reliëf. Listig verwerkt zijn citaten uit songs en zelfs uit barokmuziek (‘Venus and Adonis’). […] Marilyn zingt aanvankelijk voornamelijk hard en hoog alsof haar jurk in brand staat, maar gaandeweg maakt de schreeuwerigheid plaats voor meer nuances in de geweldige vertolking van Laura Aikin.’ Eddie Vetter, De Telegraaf (11 juni 2012)
***
‘Weinig relief zat in de vocale profielen, op die van Marilyn na, een rol die door sopraan Laura Aikin superieur werd afgeleverd. […] In een jarenvijftigdecor van de ontwerpers Clement & Sanôu, vol design en schuivende panelen, had De Beer […] een puike kleedkamerscène paraat, met een panikerende Marilyn die knipoogde naar Alban Bers al evenmin fortuinlijke heldin Lulu.’ Guido van Oorschot, De Volkskrant (11 juni 2012
Marilyn Monroe in een betoverende helletocht ****
‘Sopraan Laura Aikin is groots in de titelrol. Ze paart sensationele stembeheersing aan uitmuntend spel […] De Raaffs partituur is functioneel, spannend, en kent magistrale momenten. […] De verklanking van de personages is overtuigend geslaagd, en dat geldt ook voor de doorgecomponeerde vorm als geheel. Bovendien loert het uitstekende orkest als een duistere macht onder het drama, waaruit steeds heftigere kopererupties naar Monroe’s enkels klauwen. […] Miss Monroe is een vervoerend en oorspronkelijk psychologisch muziekdrama; en de dood is slechts het begin van Marilyn Monroe.’ Joep Stapel, NRC Handelsblad (11 juni 2012)
**
‘Waiting for Miss Monroe […] is de triomf van de Amerikaanse sopraan Laura Aikin. […] Ook in vocaal opzicht is zij de ster van de avond, als stralend middelpunt van een cast waarover hoegenaamd niets te mopperen valt. […] Regisseur Lotte de Beer verbeeldt de claustrofobie van de roem op het toneel met benauwende witte muren’ Erik Voermans, Het Parool (11 juni 2012)
‘De wereldpremière zaterdag in het Holland Festival was […] een groot publiek succes. Zeker voor sopraan Laura Aikin, die van Monroe een fantastische rol maakte. Veel bijval ook voor componist en librettist én voor regisseur Lotte de Beer, een waarachtig talent dat deze voorstelling naar een hoger plan tilde. […] Het Nederlands Kamerorkest verdedigt onder leiding van Steven Sloane de partituur met gedreven inzet.’ Peter van der Lint, Trouw (12 juni 2012)
A Dutch Take on a Cultural Icon ‘A mixture of fact and fiction, Ms. Brogt’s well-structured libretto draws inspiration from the supposed tape recordings Marilyn made for her psychiatrist […] The skillfully crafted score demonstrates the composer’s keen ear for sonorities and makes good use of the orchestra. And within his narrow expressive range, Mr. de Raaff achieves some good effects that underscore the drama. […] the vocal lines are well conceived for the voices — a decisive factor in Laura Aikin’s tour-de-force portrayal of the title role. […] Also outstanding is Lotte de Beer’s production, which begins grippingly with Marilyn and her nemesis, a movie camera, eyeing each other warily on a bare stage.’ George Loomis, International Herald Tribune (12 juni 2012)
‘"Waiting for Miss Monroe" ist [...] eine Oper über eine Frau, die ihre Rolle nicht selbst wählen kann, sondern zugewiesen bekommt. Aber sie kommt nie sentimental oder belehrend daher, sondern unterhaltsam, temporeich, gut proportioniert. Dafür sorgt auch die Partitur des Niederländers Robin de Raaff, eine Theatermusik im besten Sinne. De Raaff nutzt die Kräfte des Niederländischen Kammerorchesters, das Steven Sloane temperamentvoll dirigiert, mit feinem Gespür für den Pulsschlag des Dramas.' Michael Struck-Schloen, Süddeutsche Zeitung (21 juni 2012)
‘Brogt beschränkt sich klugerweise aud die letzten Wochen rund um die Dreharbeiten zum onvollendeten Film “Something’s gotta give”, die das Hintergrundrauschen bilden, vor dem Laura Aikin in der Titelroll eine phänomenale Porträtstudie entfalten kann. […] Starke Bilder, zu denen Robin de Raaff starke Musik geschrieben hat […] Steven Sloane rührt am Pult des Nederlands Kamerorkest raffinierte Klangfarben an.’ Udo Badelt, Opernwelt (augustus 2012)
‘De Raaff’s score is functional and makes rather good theatre music, but it could use more variety in its instrumentation […] Steven Sloane conducted the Netherlands Chamber Orchestra with conviction and precision […] The vocal parts are mostly well written, but Marilyn’s lines are rather taxing […] Laura Aikin delivered them with great ease, though, shaping the phrases expressively and making the character completely believable, visually as well as vocally.’ Erna Metdepenninghen, Opera (september 2012)
|
|
 |
 |
|
|
|