De Nederlandse Opera op YouTube Podcasts van De Nederlandse Opera De Nederlandse Opera op Facebook De Nederlandse Opera on Twitter

De Nederlandse Opera in Amsterdam



A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
R
S
T
U
V
W
Z
l




2011 2012
2003 2004

première   juni 2004   voorstellingen  6*  10  13*  16  19  22  25  27*  juni 2004
Het Muziektheater Amsterdam   aanvang 19.30/*13.30   einde n.t.b.   er is geen pauze
start losse kaartverkoop 3 maart 2004 om 10.00

video
het verhaal
team en cast
achtergrond
in de media
foto’s
geluidsfragment
inleiding

 
Don Carlo
Giuseppe Verdi 1813 1901

I.
Don Carlo, de Spaanse kroonprins, is verliefd op zijn jonge stiefmoeder, Elisabetta di Valois. Zijn vriend Rodrigo, markies van Posa, probeert hem af te leiden en smeekt hem zich in te zetten voor de onderdrukte Nederlanden. Carlo vraagt Elisabetta te bemiddelen bij de koning, Filips II (Filippo). Als hij zijn gevoelens de vrije loop laat, wijst zij hem terecht, hoewel ze ook van hem houdt. Carlo snelt weg. De koning is woedend omdat hij de koningin alleen aantreft. In een gesprek met Rodrigo, die bij hem voor de Nederlanden pleit, vertelt hij deze over zijn zorgen omtrent Elisabetta en Carlo.

II.
Na een anoniem briefje te hebben ontvangen verwacht Carlo ’s nachts de koningin in de tuin. De schrijfster is echter prinses Eboli, die verliefd op hem is. Als Carlo zich laat ontvallen dat hij van Elisabetta houdt en Eboli afwijst, zweert zij wraak. Rodrigo verzoekt Carlo belastende documenten inzake de Nederlanden aan hem toe te vertrouwen.
Vlak vóór een openbare ketterverbranding benaderen afgezanten uit de Nederlanden de koning en smeken hem om hulp. Hij laat hen afvoeren, waarop Carlo met getrokken degen eist naar de Nederlanden te worden gestuurd. Rodrigo ontwapent hem, waarop Filippo de markies tot hertog bevordert en Carlo laat arresteren.

III.
Filippo krijgt van de Grootinquisiteur hulp om zijn zoon een proces aan te doen. Prinses Eboli heeft de koning het juwelenkistje van Elisabetta toegespeeld, met daarin een portret van Carlo. Hij confronteert haar daarmee, tot haar grote ontzetting. Eboli bekent alles, ook het feit dat ze de minnares van de koning is geweest. Elisabetta verbant haar van het hof.
Bij Rodrigo zijn de documenten aangetroffen. Hij zoekt Carlo op in de gevangenis, wetend dat zijn laatste uur geslagen heeft. Getroffen door een dodelijk schot, sterft Rodrigo in Carlo’s armen. Filippo wil Carlo zijn degen teruggeven, maar deze wijst hem af en bekent dat Rodrigo voor hem is gestorven. Als het volk de gevangenis bestormt, weet Carlo te vluchten.

IV.
Elisabetta en Carlo nemen afscheid bij het klooster van San Yuste. Zij worden verrast door de koning en de Grootinquisiteur, maar voordat de wachten Carlo gevangen kunnen nemen, zoekt deze verlossing in het hiernamaals.